oudwwijk
Digitaal erfgoed

Woordes

Morgenzonweg 2

Aan stuur Albert Woordes
Rechts H.J.Plettenburg Links Gerrit Woordes
Foto: Gasthuisstraat
Foto: W.Peletier

J.A.Woordes Aanbesteding

01 JULI 1932, Graafschapbode
Woensdag 29 Juni 1932, ’s avonds 7 uur werd namens den heer
J. A. Woordes in het café Beskers aan den Kottensche weg door den heer
J. J. Post, architect alhier aanbesteed, het bouwen van een kolenloods op een terrein aan den Morgenzonweg.

J.A.Woordes Inschrijving

27 AUGUSTUS 1935, Tubantia
NIEUWE INSCHRIJVINGEN.
Doss. 10204. J. A. Woordes te Winterswijk, Morgenzonweg 2. Brandstoffenhandel. E.: J. A. Woordes, Winterswijk.

Lees verder

Alg.Brandstofhandelaren

1921
Hannink &Zn.J.D.Firma-Spoorstraat 35
Mentink, J.W.-Brinkheurne 34
Schrader, E.F.-Weurden 72
Vlasman, M.C.-Prins Hendrikstraat 11
Venhuis, A.C.-Kottenscheweg 23
Zegelink, F.H.-lindestraat 19

Lees verder

Funke

Johan Funke (28-10-1883 Gildehaus (Dld).
1919: Woonachtig vanuit Dinxperlo Julianastraat 9 winterswijk.
Drie zonen/Een dochter.

23 augustus 1920: Samen met Oonk het bedrijf
‘Smederij en Draaierij’.
In 1922 verhuizing naar Misterweg.

09 september 1925 ontbinding met Oonk en vanaf 23 september 1925:
J.Funke Machinefabriek.

Juli 1944: Twee zonen in bedrijf: Lambert Jan (1913) en Bernd (1912)
15-20 personeelsleden.
Sinds 27 mei 1950 in directie.

In 1975 trad Bernd uit en zijn plaats werd ingenomen door Frits Funke (1948-zn. van Lambert)
In 1983 trad Lambert uit.

1977 verhuizing naar Snelliusstraat.


Lees verder

Ter Hart B.V.

Johann Gerhard Heinrich ter Hart
1845 gevestigd in Misterstraat
Afkomstig uit Rhede (Dld).
Geboren 22-12-1815
Overleden:02-09-1898
Gehuwd met Petronella Reinera Jacoba Velsen (Eibergen) (1827-1862)
1856 zoon Bernardus J.A. ter Hart (1856-1921)
Gehuwd (1883) met Berendina Antonetta Lurvink (1857-1923)

Misterstraat 31, vanaf 1912 ook 29
1886 zoon Bernardus J.H.ter Hart (1889-1961)
Getrouwd met Maria Jacoba Meijnen (1882-1920)
Nieuw getrouwd 1922 met Johanna B.C.Schmidt.
1929: zoon Bernardus Johannes A.ter Hart
Getrouwd (1954) Johanna Maria Th.Janssen

Oktober 1992 Snelliusstraat 9

Januari 1997 Gerhard Meerdink en Erna ter Hart

Lees verder

Egberts

J.E.Egberts Cichoreifabriek

In 1840 begon Jacobus Egbertus Egberts in de Meddosestraat in Winterswijk een cichoreifabriek, de zogenaamde “Sukerieje”.

Rechts de voormalige cichoreifabriek (met zadeldak) van de Familie Egberts 
Foto: Ecal


Het bedrijf floreerde, maar de decentrale ligging ten opzichte van de afzetmarkt maakte, dat het bedrijf niet voldoende kon concurreren en in 1897 fuseerde het met de cochoreifabriek van zijn zoon Berend Hendrik Egberts in Dalfsen bij zwolle. 
In 1897 werd de fabriek in Winterswijk na 57 jaar gesloten. In Winterswijk is er niemand meer die zich de speciale geur van een cichoreibranderij, die vroeger vooral op mistige dagen tot ver in de wijde omgeving te ruiken was, nog kan herinneren.

In 1840 was de Winterswijkse Koffiebranderij van jacob Egberts geen gewone koffiebranderij want hij brandde koffie van cichoreiwortels. In die tijd was dat niet echt iets nieuws, want in Nederland werd vanaf ongeveer 1775 cichoreikoffie gemaakt. 
tegenwoordig zit je met alternatieve koffie gelijk in de reformhoek en dat is niet zo gek want cichorei bevat geen cafeine en het stimuleert de spijsvertering. Cichoreikoffie kan door zijn hoge gehalte aan vezels zo in het rijtje van darmwerkingsstimulerende producten (probiotica)  als yakult, vifit en activa. 

In 1840 lag dat anders, want de cichoreikoffie werd in de hoek van de namaakkoffie (surrogaatkoffie) gedrukt. Het was koffie die alleen gedronken werd als bonenkoffie niet beschikbaar was of door arme mensen die bonenkoffie niet konden betalen, terwijl de fabrikanten probeerden de cichorei te profileren als smaakversterker zowel voor koffie als ook voor allerlei andere producten zoals koekjes, taarten, pudding, soep en jus. 

In oorlogstijden was bonenkoffie meestal schaars en dan werd cichoreikoffie op grote schaal genuttigd, maar na WO 1 daalde het cichoreiverbruik in Nederland aanzienlijk. In tegenstelling tot andere landen, waar cichorei gezien werd als een volwaardig product dat de smaak van koffie verbetert, werd in Nederland cichorei gezien als surrogaatkoffie. In Nederland erd in advertenties wel aandacht gevraagd voor cichorei als smaakversterker, maar het accent lag toch meer op de kostenbesparing die je bereikte door cichorei aan de bonenkoffie toe te voegen. 
het imago van koffie voor arme mensen werd hiermee ongewild bevestigd en in Nederland is daardoor het spreekwoord ontstaan: “Dat is geen zuivere koffie”. 

Jacob Egberts was een ondernemend persoon. 
Voordat hij in 1840 zijn cichoreifabriek in de Meddosestraat begon, was hij brood- en banketbakker. Jacob was in 1793 in Groenlo geboren en hij trouwde in 1828 in Winterswijk met de uit Aalten afkomstige Berendina Beestman. Voor beiden was het een tweede huwelijk. In 1828 dreef Berendina een winkel die zij voorheen samen met haar inmiddels overleden echtgenoot  Derk Scholten was begonnen. 
Jacob en Berendina kregen vier kinderen, drie jongens en een meisje. 
In die tijd was het heel gebruikelijk dat kinderen in het bedrijf van de ouders meehielpen. Zakjes plakken, koffie afwegen en zakjes vullen werden gezien als typische vrouwenarbeid die ook door kinderen gedaan kon worden. 

Als Jacob in 1854 op 60-jarige leeftijd overlijdt, zetten zijn weduwe en twee van de zonen, Berend Hendrik (1832) en Harmanus Antonie Samuel (1834)  de fabriek voort. Beide broers worden later cichoreifabrikant. 
Harmanus, de jongste van de twee, blijft in de fabriek van zijn ouders in Winterswijk werken en na het overlijden van zijn moeder in 1871 neemt hij de zaak over. Berend Hendrik Egberts begint in 1858 een nieuwe cichoreifabriek in Dalfsen in Overijssel. Omdat Berend vertrekt naar een plaats waar cichoreibranden nog volstrekt onbekend is, neemt hij uit de ouderlijke fabriek een jongeman mee naar Dalfsen. Deze jongeman, Hendrik Sik (1839) wordt in Dalfsen de bedrijfsleider. 


Cichorei is een tweejarige, vaste plant die wel 80 cm hoog kan worden. de bladeren zijn diep getand en lopen in de bladstengel af. De wortel, die het uiterlijk heeft van een kleine voederbiet, is van buiten geelachtig wit en van binnen wit. 
De plant wordt gezaaid in mei en de bloei, met lihctblauwe bloempjes, ligt in het tweede jaar tussen julie en augustus. De oogsttijd ligt vlak daarna, omstreeks eind september en oktober. Met de wortel deed men voor 1775 eigenlijk niks; alleen het loof werd als groente gebruikt.
Pas vanaf het laatste kwart van de achttiende eeuw is in Nederland de bereiding van koffie uit de wortel van de cichoreiplant bekend. 
De cichoreiwortel is rijk aan vitaminen, vezels en mineralen en het bevat geen cafeine en weinig calorieen. 
In de 19e eeuw werd cichorei voornamelijk in Friesland verbouwd, waar de cichorei werd opgekocht van de boeren door drogerijen. In de drogerijen werden de wortels eerst gewassen en met stampmes in kleiner stukken (wortelbonen) gehakt om vervolgens bij een temperatuur van minstens 85 graden Celsius boven cokesvuren gedroogd te worden in een droogoven, een zogenaamde eest. 
In deze hitte zwoegden de werknemers om de wortelstukjes door elkaar te harken zodat ze gelijkmatig droogden. 
Het hele droogproces duurde ongeveer 36 uur en na het drogen was het watergehalte met zo’n 85 procent afgenomen. Wat overbleef waren stukjes droge cichoreiwortel, klaar voor de branderij. De gedroogde cochorei werd in jutezakken van zo’n 50 kilo verpakt en meestal per schip naar de branderijen verzonden. In een cichoreikoffiebranderij wordt de cochorei gebrand door een ronddraaiende, met wortelstukjes gevulde trommel boven een oven te verwarmen.  de cichorei wordt zodanig verhit dat het zou verbranden als de brandertrommel niet zou ronddraaien. De wortelstukjes worden gebrand;  ze mogen niet verbranden. Belangrijk hierbij is een juiste temperatuur en de duur van het branden. Een continue temperatuur van ca.180 graden is vereist im een kwalitatief hoogwaardig product te krijgen. De nog in de wortelstukjes aanwezige sappen moeten namelijk gekaramelliseerd worden zonder te verbranden om het volledige cichoreiaroma te bewaren. Doordat de brandertrommel ronddraait tijdens het branden, is de inhoud voortdurend in beweging en wordt deze gelijkmatig verwarmd. Hierdoor wordt voorkomen dat de wortelstukjes aan elkaar gaan koeken en er een grote klont ontstaat die aan de buitenkant verbrand en van binnen niet gaar is. 
De brander is een belangrijke persoon, zeker in vroegere tijden toen er nog geen gebruik gemaakt kon worden van vocht- en temperatuurmeters. De brander is de smaakmaker van de cichorei. 
Bij het verwarmen van de  cichorei ontsnapt damp. De kleur van de damp wordt op een bepaald moment blauw en nog later wit. De witte damp is het sein voor de brander om een monster uit de trommel te nemen om te kijken hoever de branding klaar is. Dit is ook het moment om, naar keuze raapolie, reuzel, vet of boter toe te voegen. Als het branden klaar is, wordt eerst een klep in de trommel geopend waardoor de stoom kan ontsnappen. Daarna wordt de trommel nog een tijdje “koud” rondgedraaid. Vervolgens kan de trommel geopend worden en wordt de inhoud op de vloer uitgestort om af te koelen. Om te voorkomen dat de cichorei aan elkaar gaat kleven (klonteren), zijn direct enkele medewerkers bezig met het door elkaar harken van de cichorei. 
Na afkoeling is het verkregen product keihard en kan het goed vermalen worden tot korrels. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in grove of fijne maling, al naar gelang de klant heeft besteld. in het algemeen geldt:  hoe fijner de maling hoe beter de poeder oplost en des te beter is de smaakoverdracht. Van fijn gemalen cichorei heb je minder nodig dan van grof gemalen om dezelfde smaak te krijgen. 
Pure cichoreikoffie kun je niet vergelijken met de smaak van gewone koffie. Het is veel zwarter en bitterder en het smaakt een beetje naar karamel. Cichorei kwam het best tot zijn recht als smaakmaker van de bonenkoffie van vroeger. Koffie die gemaakt was met half cichorei en half koffie (van koffiebonen), was donkerder van kleur en smaakte sterker dan gewone koffie. 
Tegenwoordig is het net andersom. Als je cichorei aan je koffie toevoegt, wordt de smaak milder. de fabrikanten van (bonen) koffie hebben goed ingespeeld op de veranderde smaak van de consument. Zij zijn andere, pittiger koffiesoorten gaan gebruiken. Bovendien bevatten veel koffiesoorten chemische toevoegingen zoals geur-, smaak- en kleurstoffen. Cichoreipoeder moet niet verward worden met Buisman (vroeger in de blauwe busjes).
Buisman is puur suikerpoeder. Er wordt suikerstroop via hydrolyse uit aardappelzetmeel gewonnen. Deze suikerstroop wordt gebrand.
Na afkoeling is het een harde korst geworden, die na stukgeslagen te zijn, tot poeder gemalen wordt. Dit Buismanpoeder is ook als smaakverbetering van de koffie bedoeld en dus een concurrerend product.


Harmanus Antonius Samuel Egberts
Zoon Harmanus bleef in Winterswijk en werd in 1871 directeur van het fabriekje aan de Meddosestraat.
In 1867 trouwde hij met Johanna Christina Uwland, geboren in 1843 in Winterswijk, dochter van Jan Hendrik Uwland, landbouwer, en Aleida Johanna te Lintum. Het paar krijgt zes kinderen: drie meisjes en drie jongens. De oudste zoon, Jacobus Egbertus Egberts (1868) werd belastingambtenaar en de andere twee zonen, Jan Hendrik (1871) en harmanus Antonie Samuel jr. (1875) gaan, net als hun vader, in de cichorei. de zaken gaan goed. Voor de aandrijving, om de brandertrommel en de molen te kunnen laten draaien, wordt aanvankelijk een paard gebruikt. 
Later werd het paard vervangen door een stoommachine waardoor de productiecapaciteit toenam. de firma maakte twee soorten koffie: cichorei (de zogenaamde kniepkoffie en peekoffie (pee is wortel) dat ook wel “gezondheiskoffie” werd genoemd. Het onderscheid tussen kniepkoffie en peekoffie ontstaat tijdens het brandproces doordat aan de peekoffie raapolie wordt toegevoegd. Hiermee wordt verstuiving en verlies voorkomen en tevens smaak toegevoegd. Er wordt ook mee bereikt dat peekoffie iets minder gevoelig is voor vocht. Peekoffie is een poeder, terwijl kniepkoffie een taaie substantie is. Je knijpt er een stukje af en dat stukje doe je in de koffiepot bij de gewone koffie. Ook oude koffie die al een dag op het vuur had gestaan kon je er weer smakelijk mee maken. In veel gezinnen werd dit dagelijks gedaan. deze koffie kreeg ook wel de bijnamen “sukerienat” en “schooierskoffie”. 
Voor de kniepkoffie was er een kelder onder de gebouwen, waarin de kant-en klare cichorei kon “rijpen”, dat wil zeggen vocht kon aantrekken. 
Daartoe werd de cichorei in een blauw, papieren rolletje, dat aan de ene kant gesloten was, geschept. 
Het andere eind werd opengelaten. Daardoor stond de cichorei bloot aan de vochtige lucht in de kelder. Gedroogde cichorei trekt vocht aan en na enige tijd was het gewicht met zo’n 33%  toegenomen. Als het zover was, dan kon het. 
Cichorei werd ook verpakt in vaten aan de winkeliers geleverd. In de winkel werd het dan in een zakje geschept. De verkoop van de producten vindt hoofdzakelijk plaats in de Achterhoek. In het begin is reizen nogal moeilijk. pas rond 1840 komen er enkele hoofdwegen door het gebied. De meeste wegen zijn zandwegen die een groot deel van het jaar moeilijk begaanbaar zijn. De winkeliers werden toen te paard bezocht en omdat de afstanden te groot waren om in een dag af te leggen werd in herbergen overnacht. Na het overlijden van vader Jacobus werd zoon Berend Hendrik de “reiziger” die de klanten bezocht. Op een van de reizen ontmoette hij in Didam zijn latere vrouw Wilhelmina Johanna Keurschot. 
Berend Hendrik begint in 1858 in Dalfsen voor zichzelf. vanaf dat tijdstip is zoon Harmanus sr. de “reiziger” . Als zijn zonen groot genoeg zijn, gaan zij ‘op reis’. Eerst zoon Jan Hendrik en later zoon Harmanus jr.. 
Zij kondigden hun bezoek bij de winkels aan door middel van een briefkaart, welke per post werd verzonden. In de jaren negentig van de 19e eeuw wordt het steeds moeilijker om rendabel te produceren. De gedroogde wortel, die in Friesland gekocht werden, kwamen vanaf dat moment dat de spoorlijn Zutphen-Winterswijk door de Hollandsche Spoorweg Maatschappij (H.S.M.) in 1878 in gebruik werd genomen, per spoor. 
Concurrenten als de cichoreifabriek van D.H. Schaars in Borculo, die werd aangedreven door een watermolen en de Doesburgse cichoreifabriek die via de goedkopere scheepvaart op de IJssel kon aan- en afvoeren, hadden onoverbrugbare voordelen. 

In 1897 gaat Harmanus Egberts sr. een vennootschap onder firma aan met zijn broer Berend Hendrik die in Dalfsen een stoomcochoreifabriek bezit. Harmanus sr. heeft een aandeel van 10% in de gezamelijke onderneming. De akte wordt op 7 oktober 1897 in Almelo verleden voor notaris Verbeek. Er zal cichorei geleverd worden in pakjes met de opdruk “B.H.Egberts & co te Dalfsen”. 
In Gelderland zal aan de afnemers van vennoot H.A.S. Egberts pakjes met de opdruk “J.E. Egberts te Winterswijk”  worden geleverd. De fabriek in Winterswijk wordt gesloten. Zoon Jan Hendrik gaat in de fabriek in Dalfsen werken, waar hij begint als bedrijfsleider en waar hij later directeur wordt. 
In 1903 worden voorbereidingen getroffen om de firma om te zetten in een naamloze vennootschap. Gezien de leeftijd van de firmanten – Berend Hendrik is 71 en Harmanus sr. is 69 jaar – is de omzetting voornamelijk bedoeld om de continuiteit van de fabriek te waarborgen. Door het overlijden van Berend Hendrik komt er een kink in de kabel. Pas in 1914 wordt de NV echt opgericht. 
Zoon Harmanus jr. wordt in 1897 fulltime reiziger. Maar blijkbaar is dat niet zo’n groot succes. Harmanus jr. zoekt het grote avontuur. In 1904 vertrekt hij per schip naar Amerika. Hij gaat, zoals elke emigrant vroeger, aan land op Ellis Island. Nog hetzelfde jaar is hij in Chicago en heeft hij een importbedrijf aan de van Burenstreet. Hij importeert ondermeer Egberts cichorei uit Dalfsen.

Op de plaats waar in Winterswijk de cichoreifabriek was gevestigd staat nu het bioscooppand Skopein. In 1897 werd de fabriek na 57 jaar gesloten en de speciale geur van een cochoreibranderij, die vroeger vooral op mistige dagen tot ver in de wijde omgeving te ruiken was, is vervangen door de koffiegeur van een paar echte koffiehuizen aan de Meddosestraat in Winterswijk. 


Drs. G.J.Brunnekreef 
Geurt Schut
Freriks Nieuws, December 2012

Lees verder