oudwwijk
Digitaal erfgoed

W.van Kooten

Beruchte duo van Kooten-Peters (knipsels, 326)

W.v.K. voor Bijz.Gerechtshof

14 MEI 1948

Handlanger door dik en dun
Eis: 8 jaar gevangenisstraf 

Op 4 Februari 1943 stond de uit Arnhem geboortige W.v.K. , op het evacuatiebureau in het gemeentehuis van Winterswijk de orde te bewaren. Hij was niet zo erg best te spreken. Stalingrad was pas gevallen en voor iemand die met hart en ziel, handlanger van de vijand was geworden, wat dat nu niet bepaald opwekkend nieuws. 
Van K. vond dan ook, dat er alle reden was voor rouw, zoals officieel van Berlijn uit bevolen was. 
De hoofdonderwijzer, de heer J.B.Wilterdink, op bezoek op het evacuatiebureau, rouwde ook. Maar op zijn manier. 
Hij streek zich lachend met de hand langs de kin en sprak tot de overige bezoekers, op meesmuilende toon: ‘We moeten rouwen, he!’
Dit gebrek aan medeleven was te veel voor v.K. 
Hij stelde zich meteen in verbinding met de burgemeester, dr. Bos, en hoewel deze thans ontkende, was het gevolg toch, dat de heer Wilterdink door diens of door toedoen van corpschef Feberwee, werd opgepakt en naar Vught en Dachau overgebracht, waar hij eerst na 28 maanden door de Amerikanen uit de gevangenschap werd bevrijd.

“Een echte brute moffenknecht, dat was je”, zegt de president van het Bijzonder Gerechtshof te Arnhem, tot v.K. 
“Een actieve landverrader, bereid, om alles was de vijand van hem verlangde, te doen”., vulde de procureur-fiscaal dit weinig vleiende oordeel aan. 
En dit oordeel was allerminst op losse schroeven gebaseerd. Eens hoorde hij een jongen het wijsje “die kleine schildersjongen” op zijn mondharmonica spelen. Hij nam het kind terstond zijn speeltuig af. 
“Toen hij mijn oudste zoon, die was ondergedoken, niet kon vinden, arresteerde hij mij en mijn jongste zoon”, vertelde de heer L.Gijsbers, als getuige. 
Deze jongste zoon was 15 jaar. Als gevolg van deze arrestatie heeft het kind 23 weken in het ziekenhuis gelegen en ondervindt het nu nog de gevolgen ener hartvergroting, welke de jongen elke lichamelijke inspanning belet. 
De landbouwer Esselink kon zijn persoonsbewijs niet snel genoeg tonen. Hij werd met een gummiknuppel afgeranseld, en moest drie dagen het bed in. 
En passant bracht v.K. van deze controle-bezoeken in het kader van de arbeidsinzet, spek, worst, ook een fiets mee. 
Soms waren er drinkgelagen met Duitse vrouwen. 

Alles even fraai en verheffend…..
Ik vraag acht jaar, zegt de procureur-fiscaal, met aftrek en ontzetting uit de kiesrechten voor ’t leven. (blz.357)