oudwwijk
Digitaal erfgoed

W. Lammers

Bocholtsedijk
Veehandelaar

Bijnaam: ‘Keet Lammers’
Landwachter

Twee maanden Landwachter W.L.

08 NOVEMBER 1948

Twee maanden landwachter
9 jaar gevangenisstraf geëist. 

De veehandelaar W.Lammers uit Winterswijk maakte kort voor het einde van de oorlog nog een zeer ernstige fout. Hij trad in september 1944 toe tot de Landwacht en werd ingedeeld bij de in Eibergen gedetacheerde troepen, waar hij onder leiding van de beruchte commandant Poelman aan razzia’s en huiszoekingen deelnam. 
Verdachte stond vrijdagmiddag terecht voor het Arnhemse Bijzondere Hof, waar hij zich voor drie feiten moest verantwoorden. behalve de algemene omschrijving – hulpverlening aan de vijand – waren hem nog de volgende punten ten laste gelegd. 
Het verrichten van huiszoeking bij de landbouwer D.Scheggetman in November 1944 te Eibergen met het doel een onderduiker op te sporen. 
Het deelnemen aan een onderzoek naar onderduikers op de boerderij van Rhebergen te Eibergen en tenslotte het zich voordoen ale illegale werker om op die wijze iets te weten te komen van de landbouwer Spanjaard te Eibergen over ondergronds werk en onderduikers. De gegevens zou hij hebben doorgegeven aan de commandant Poelman. 

Verdachte maakte voor het Hof niet de indruk een gevaarlijk man te zijn geweest en de getuigen konden te dien aanzien ook niet verhelderend werken. Lammers bestreed allereerst geweten te hebben dat de Landwacht een Duitse instelling was. Hij is er bij gegaan omdat hij meende dat de Landwacht alleen dienst deed wanneer er huizen van gebombardeerde landbouwers te bewaken waren. Toen hij merkte dat deze troep een geheel andere opgave had,  heeft hij ontslag genomen en is daarvoor zelfs nog gearresteerd geweest. 
Als eerste getuige werd gehoord de landbouwer Scheggetman met wie echter niet veel aan te vangen was, daar de man door zijn doofheid niet in staat was een verhoor te ondergaan. De President las daarom maar de verklaring voor, waarin hij reeds eerder verklaard heeft dat er huiszoeking werd gedaan om een onderduiker met de naam Jaap te zoeken. Toen ze deze en ook de getuige zelf niet vonden – zij zaten nl. in de hooiberg – namen ze de vrouw van S maar mee. Bovendien werd een busje met zilvergeld gevonden, dat eveneens meegenomen werd.
Bij deze huiszoeking is verdachte niet zo zeer op de voorgrond getreden. Het was zekere de Bruyn, die de leiding had en die brutaal is opgetreden. Dit gaf de Bruyn als getuige gehoord zelf toe. 

Het tweede punt betrof de opdracht om in Rekken naar illegalen te zoeken, waarbij de Bruyn en verdachte zich eveneens als illegalen moesten voordoen. Daartoe kregen ze een roodwit- blauwe armband en een Nederlands legerpistool. Ook in dit geval werd het eerste contact gelegd door de Bruyn en bleef verdachte op een afstand. 
Later is hij er wel bij geweest, doch toen kregen de werkelijke illegalen argwaan omdat verdachte met kaplaarzen en een zgn. “verkeerde” broek aanliep. 
Hetgeen ze te weten kwamen werd aan de commandant doorgegeven, waarvan een nachtelijke razzia op de Vossenbult het gevolg was. 
Getuige Spanjaard is hier zwaar mishandeld door de B. en naar hij verklaarde ook door verdachte, doch dit ontkent deze fel, terwijl ook de Bruyn verdachte vrijpleit. 

Het laatste punt is gebeurd op de boerderij van Rhebergen, waar verdachte met een aantal andere landwachters aan het jagen was. Bij deze gelegenheid stootte men op een gat in de grond, waarin klederen verborgen waren. Ook wapens lagen erin doch deze werden niet gevonden. 
Zowel de Bruyn als verdachte verklaarden, dat alleen de Bruyn met een ander naar de boer toegingen en dat Lammers zich er geheel buiten gehouden heeft. Rhebergen kon daarover niet gehoord worden, aangezien deze inmiddels naar Canada is geëmigreerd. 
De Advocaat-Fiscaal moest toegeven dat het bewijs niet overal even sterk is. Dit doet er volgens spr.weinig toe, daar de algemene omschrijving in ieder geval bewezen is. Verdachte heeft aan tal van acties meegedaan, aldus spr. zodat er geen aanleiding is hem uiterst mild te behandelen. Spr. vroeg derhalve 9 jaar gevangenisstraf met aftrek. 
Mr. v.Hoorn uit Lochem bestreed de opvatting van de Advocaat-Fiscaal dat de algemene tenlastelegging – het hulpverlenen aan de vijand – voldoende is om een dergelijke straf te rechtvaardigen. 
Het komt er volgens spr. op aan, hoe de landwachters zich gedragen hebben. En dan is Lammers zeker een van de minst slechten geweest. 
Spr.bestreed voorts dat L. aan tal van acties heeft deelgenomen en wees er op dat verdachte toen hij merkte wat er eigenlijk van een landwachter verlangd werd de benen genomen heeft en hiervoor zelfs vast gezeten heeft. 
Spr.vond dan ook de geëiste straf veel en veel te zwaar en vroeg uiterste clementie. Uitspraak op 17 november.a.s. 

19-11-1948
Tot 5 jaar gevangenisstraf veroordeeld
Voor het Bijzonder gerechtshof te Arnhem heeft veertien dagen geleden W.Lammers uit Winterswijk terecht gestaan, omdat hij in de laatste maanden van 1944 toegetreden is tot de landwacht en in die functie te Eibergen en omgeving minder fraaie dingen zou hebben uitgehaald.
Ofschoon de getuigen toendertijd niet al te positief hun verklaringen konden afleggen, meende de Procureur- Fiscaal dat de schuld van verdachte vaststond. Hij eiste toen 9 jaar gevangenisstraf. 
Uitspraak doende heeft het Bijzonder Hof Lammers thans veroordeeld tot 5 jaar met aftrek en ontzetting uit de kiesrechten voor het leven.  (blz.360)