ALGEMEEN HANDELSBLAD
MAANDAG 10 AUGUSTUS 1846
BOCHOLT, 6 Aug.
Men deelt thans de volgende bijzonderheden mede nopens de vroeger vermelde gevangenneming van eenen kapellaan te Groenlo;
Den 26sten Julij jl.des middags omstreeks 3 1/2 ure, ontmoette men op de hoogte van de nabij de stad Groenlo gelegene zoogenaamde Epsweide, de ten huize van den timmerman Wolters aldaar woonachtige dienstbode, Maria Wiegerink, die er zeer bebloed uitzag en wier kleederen in eenen zeer wanordelijken toestand waren. Natuurlijk wekte dit de algemeene aandacht, en werd zij van alle zijden met vragen bestormd omtrent de oorzaak van hare verwonding. Zij zeide toen alleen, dat een van de Groenloschen jongelingen het gedaan had, maar dat zij de naam niet kon noemen. De kapellaan C.Gepkens, die in den tusschentijd dat men haar naar hare woning vervoerde ook uit gemelde Epsweide was gekomen, verhaalde, dat hij onderweg, toen hij langs het bosch kwam, een dof gekerm had vernomen; dat hij toen naar de plaats was gegaan, waar hij het geluid had gehoord, en er een man had gevonden met een meisje, dat hij met een mes trachtte te verwonden; hij had dien man onmiddelijk aangegrepen en, terwijl zij te zamen worstelden, was het meisje ontvlugt; de man had zich daarna los gewrongen en was hem ontsnapt. Nadat de verwonde M. Wiegerink op haar bed was gebragt en men haar eenige hulp had verstrekt, verzocht zij dat men den kapellaan Gepkens bij haar zou brengen. Met dezen had zij een vrij langdurig onderhoud, en, toen hij was vertrokken, verklaarde het meisje, zonder dat men er bij haar op aandrong, dat een persoon, die haar verwond had, een koopman in slaapmutsen, Jan Berends genaamd, en te Winterswijk woonachtig was, met wien zij vroeger in betrekking had gestaan. De toestand van het meisje was intusschen zeer verergerd; zij scheen dit zelve te voelen, en vroeg in den avond van dien zelfden dag om een biechtvader. Hoewel zij altijd gewoon was bij den kapellaan Gepkens te biechten, verlangde zij ditmaal uitdrukkelijk met den pastoor te spreken. Deze verscheen weldra en bleef tot laat in den nacht bij haar. Toen nog liet zij den kantonregter roepen en legde in handen van dezen de volgende verklaring af: Nadat zij reeds sedert eenen geruimen tijd ongeoorloofden omgang had gehad met den kapellaan Gepkens, was zij thans tot het vermoeden gekomen dat zij zwanger was. Zij had dit des morgens van dien dag aan den kapellaan gezegd, in de biechtkamer, waar hunne bijeenkomsten gemeenlijk plaats hadden. De kapellaan had haar daarop gerust gesteld en beloofd in allen geval voor haar te zullen zorgen; hij zou voorts over die zaak nader met haar spreken in de Epsweide, waar zij moest zorg dragen zich des middags tusschen 2 en 3 ure te bevinden. Wat daarter plaatse toen is voorgevallen, verbiedt ons de kieschheid hier te beschrijven. Mogten wij er evenmin van behoeven melding te maken, dat de laaghartige zijn slagtoffer daarna de borst heeft ontbloot, en haar, na haar de mond te hebben gestopt en de oogen te hebben gesloten, onderscheidene wonden in keel en borst heeft toegebragt, zoodat de ongelukkige het alleen aan hare ontvlugting te danken had, dat haar het leven niet werd benomen! Uit hare verklaring bleek voorts, dat de kapellaan haar het verhaal van den koopman in slaapmutsen had voorgepraat. Deze voorloopig verhoord zijnde, moet hij de tegen hem ingebragte bezaren niet hebben kunnen uit den weg ruimen, zoodat tegen hem op 30 Julij, ter zake van poging tot moord, regtsingang met gevangenneming is gerequireerd.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
ALGEMEEN HANDELSBLAD
ZATERDAG 21 NOVEMBER 1846
ARNHEM, 19 NOV.
Heden deed het hof uitspraak in de zaak tegen den Groenloschen kapelaan C.Gepkens, waarbij dezelve is schuldig verklaard aan poging tot moord met voorbedachten rade op de dienstmeid. Maria Wiegerink, en dienvolgens veroordeeld tot de straffe des doods, uit te voeren door middel der galg op een schavot alhier. Na deze uitspraak hield de voorzitter aan den veroordeelde eene treffende aanspraak.
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
NIEUWE ROTTERDAMSCHE COURANT
VRIJDAG 5 MAART 1847
Men verneemt, dat de kapelaan Gepkens sedert eenige dagen zeer neerslagtig is, hetgeen vooral, na het bekomen van het berigt van de afwijzing der cassatie, niet verminderd is.
ARNHEM, 3 MAART.
Sedert gisteren is hier het gerucht vrij algemeen, dat de kapellaan Gepkens den heer procureur- generaal bij ons provinciaal geregtshof tot eene bijeenkomst zou hebben uitgenodigd; dat die magistraats-persoon een gesprek van ruim een uur met hem zou gehad hebben, en dat Gepkens in die bijeenkomst tot volledige bekentenis zijner misdaad zou gekomen zijn. - Welk een hoogen graad van waarschijnlijkheid dat gerucht ook hebben moge, - deelen wij het toch slechts als gerucht mede.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
NIEUWE ROTTERDAMSCHE COURANT
MAANDAG 8 MAART 1847
BINNENLAND,ROTTERDAM, 6 MAART
De redactie van De Tijd zegt, dat het door de Arnhemsche Courant medegedeelde berigt, als zoude kapellaan Gepkens schuld bekend hebben, volkomen leugenachtig is.
Dienaangaande bevat de Arnhemsche Courant van heden het volgende berigt, van mr.B.Reigers;
Aangaande het gisteren in de Arnhemsche Courant medegedeelde gerucht, dat de kapelaan Gepkens zijne schuldpligtigheid aan den aanslag, op Maria Wiegerink gepleegd, zoude hebben beleden, moet ik UEd., op uitdrukkelijk verlangen van den kapelaan, mededeelen, dat dit gerucht van allen grond is ontbloot, daar hij nimmer eenige schuldbekentenis heeft gedaan.
Men leest in de Tijd:
Wij vernamen van goederhand, dat de kapelaan Gepkens een rekwest aan den koning heeft ingediend, ten einde uitstel te verzoeken van de uitvoering van het vonnis, tot dat de ingestelde procedure tegen Jan ter Linde zal zijn afgeloopen, in de verwachting, dat die procedure een nieuw licht over de zaak mogt verspreiden, en zijne onschuld aan den dag brengen.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
BREDASCHE COURANT
DONDERDAG 1 JULI 1847
Heden morgen heeft de procureur-generaal van ons hof de officiele tijding ontvangen, dat het den Koning behaagd heeft, op het rekwest om gratie van den kapellaan Gepkens te beschikken, op de wijze zoo als reeds gemeld is. De doodstraf is namelijk veranderd in die van het zwaaijen van het zwaard over het hoofd en twintig jaren tuchthuisstraf.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
BREDASCHE COURANT
ZONDAG 18 JULI 1847
Woensdag is C.Gepkens, onder geleide van twee geregtsdienaren, van Arnhem te Amsterdam aangekomen, en van daar met het beurtschip naar Harlingen vertrokken, om verder naar Leeuwarden te worden gevoerd, ten einde aldaar zijne gevangenisstraf te ondergaan.
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
BREDASCHE COURANT
DONDERDAG 22 JULI 1847
De persoon van C.Gepkens is te Leeuwarden aangekomen en in het huis van reclusie opgenomen. Naar men vernam, was hij geplaatst in een der cellen voor eenzame opsluiting, welke voor korten tijd in het gevangenhuis zijn aangebouwd. Men heeft hem daar aan het vlasspinnen gezet. Overigens is hem gebruik van boeken vergund worden.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------
NIEUW AMSTERDAMSCH HANDELSBLAD
DINSDAG 13 NOVEMBER 1860
LEEUWARDEN, 11 NOV.
Men meldt, dat de straftijd van den alhier gedetineerden kapellaan Gepkens weldra geexpireerd is en hij dien ten gevolge op vrije voeten zal gesteld worden.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Maria is overleden 24-06-1862 in Frederiksoord/Vledder.
Trouwde met de weduwnaar B.van Limbeek.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
ALGEMEEN HANDELSBLAD
DONDERDAG 29 NOVEMBER 1866
OUD-ZEVENAAR, 26 Nov.
Na geeindigden straftijd, is alhier jl. Vrijdag namiddag bij zijne verwanten teruggekomen , de voor 20 jaren te Groenlo dienstdoende kapellaan Gepkens. Naar men verneemt heeft hij zich Zondag morgen vroegtijdig op reis begeven naar den bisschop te Utrecht
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
WEEKBLAD VOOR WINTERSWIJK EN OMSTREKEN
ZATERDAG 8 AUGUSTUS 1874
ADVERTENTIE
BIERBROUWERIJ
DE GRAANKORREL
Ondergeteekende bericht hiermede dat hij eene bierbrouwerij heeft opgericht en van af heden geopend. Hij beveelt zich minzaamst aan tot de levering van:
Gewoon Bier a 6 cents per liter
Gersten Bier a 13 cents per liter
Salvater Bier a 16 cents per liter
en belooft eene prompte bediening.
Groenlo, Julij 1874
J.H.Huijskes
----------------------------------------------------------------------------------------------------
HET VADERLAND
WOENSDAG 18 MAART 1931
AUTO DOOR EEN TREIN VERMORZELD
EEN GEESTELIJKE GEDOOD EN TWEE ZWAAR GEWOND
Gisteravond is op den onbewaakten overweg tusschen Neede en Eibergen een automobiel, bestuurd door kapelaan J.H.Krabbenborg uit Groenlo, gegrepen door den trein, die te omstreeks half zes uit Neede naar Eibergen vertrekt.
De auto werd een eindweegs medegesleurd en is geheel vernield. Kapelaan Krabbenborg was op slag dood. Pastoor J.P.P.Oosterbaan, pastoor-deken van Groenlo, werd zwaar gewond en kapelaan A.M.v.Soest, eveneens uit Groenlo die ook in de auto gezeten was, kreeg minder ernstig letsel. De beide gewonde geestelijken zijn per ziekenauto naar het ziekenhuis te groenlo vervoerd. Het lijk van kapelaan Krabbenborg werd in een nabij den overweg gelegen woning gedragen en later naar Groenlo overgebracht. De burgemeesters van Neede en Eibergen waren spoedig na het ongeluk ter plaatse om in hun kwaliteit van hulpofficier van Justitie een onderzoek in te stellen. De toestand der beide gewonde geestelijken was na aankomst in het ziekenhuis te Groenlo naar omstandigheden betrekkelijk gunstig. Beiden zijn bij kennis.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------


