POLITIE WINTERSWIJK

De eerste commissaris in Winterswijk was A.Tebbetman. Hij is tot commissaris benoemd op 18 april 1811. Daarvoor was hij rechter in Zwolle. Winterswijk kreeg een commissaris omdat het meer dan 5000 inwoners had (6118). Hij kreeg zijn salaris in franc, omgerekend fl.950,00 per jaar. Winterswijk had nu wel een commissaris, maar geen politiepersoneel. Wel twee gerechtsdienaren, Sevink en Jager. De maire (burgemeester) Paschen diende een lokaal beschikbaar te stellen voor de commissaris. Arrestanten in die periode werden onder gebracht bij Jan Lammert Mellink. Deze kreeg hier een vergoeding voor. In 1811 kreeg Winterswijk van hogerhand ook een brigarde van de gendarmerie. Het begon met 1 brigardier (Roelofs) en 1 gendarme (Mischotte). Een Nederlander en een Fransman, zoals Napoleon het wou (gelijk aantal). Eind 1811 had Winterswijk 1 brigardier en 4 gendarmes. zij allen werden op diverse adressen gehuisvest. Op 5 augustus 1811 werd Burgemeester Paschen opgevolgd door Dhr.H.Willink. Een gemeentehuis was er nog niet en vergaderingen werden gehouden in De Klok.

Hotel De Klok wooldstraat winterswijk

Gevangenen werden onder gebracht bij de burgerij, waar de gemeente een vergoeding voor betaalde. Processenverbaal in die periode betroffen vaak mestvervuiling, los lopende honden (i.v.m.hondsdolheid) en burengerucht. De gendarmes hielden zich vooral bezig met het transporteren van gevangenen van brigarde tot brigarde. In 1912 besloot het gemeentebestuur om zelf een gevangenis te bouwen en wel in het huis van bode en deurwaarder L.du Pre. Winterswijk had nu zijn eerste gevangenis. In maart 1812 werden Sevink en Jager benoemd tot veldwachters. Ook kregen zij een zijdgeweer. Zij waren niet opgeleid en daarom werden er voor hen boeken aangeschaft bestaande uit een handleiding en een wetboek van straf. De taak van veldwachters was vooral om werklozen, armen, zwervers, vagebonden en landlopers buiten de gemeente grenzen te houden. Als dit niet lukte werden de gendarmes erop af gestuurd en deze traden dan op met harde hand. De veldwachters liepen hierdoor het risico ontslagen te worden door de burgemeester. Omdat men nu veldwachters had, verzocht de burgemeester de prefect in Zutphen om de nachtwachten af te schaffen. Dit werd dan ook gehonoreerd. Toch waren ze van hogerhand niet tevreden over de inzet van de politie in de regio in die periode. Zutphen wees de burgemeesters erop dat men te weinig presteerde en kregen daarom nieuwe instructies. Ook mocht de poltie niet meer gebruikt worden voor huishoudelijke werkzaamheden voor de notabelen. In 1813 werd Napoleon verslagen en kwam er een einde aan de Franse overheersing. Prins Willem Frederik, zoon van Willem V kwam terug en Nederland werd Oranje.

DE TIJD NA NAPOLEON

Prins Willem Frederik veranderde de justitie snel. Alle keizerlijke functie’s werden omgezet in andere benamingen. Wel bleef iedereen op zijn plaats. Maire H.Willink werd nu Burgemeester H.Willink. De franse formulieren en de franse taal werden veboden en nu kwam boven de brieven te staan: IN NAAM DER HOOGE OVERHEID.

 (Later meer

NIEUWE TILBURGSCHE COURANT
12 JUNI 1887

De Minister van Justitie heeft den nachtwaker en onbezoldigden buitengewoon veldwachter der gemeente Winterswijk, J.W.POLMAN zijne bizondere tevredenheid te kennen gegeven, wegens zijn moedig gedrag bij het op heeterdaad betrappen en gevangen nemen van den dader van eenen in den nacht  van 7 Mei jl. in die gemeente gepleegden diefstal. Hiervan is een eervolle vermelding  in het Algemeen Politieblad geschied.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 NIEUWE WINTERSWIJKSCHE COURANT
16 JANUARI 1907

"Het was op ’t Weurden Vrijdag-en Zaterdagavond verrre van pais en vree. Een paar drinkebroers, beiden voor geen kleintje vervaard, hadden het met elkaar ongemakkelijk aan den stok. Het liep bijna op messen uit. Gelukkig zijn er nog altijd vredelievende menschen op aarde. En zoo zien we den heer X. (zoo zullen we hem noemen) als scheidsrechter optreden, die met een zoet lijntje de vechtenden van elkaar weet te verwijderen en een van hen, zekeren R., een eindje wegbrengt. Dit gezelschap schijnt R. goed bevallen te hebben, want toen de heer X.zijn plicht gedaan meende te hebben en rechtsomkeerd naar huis wilde maken, wendde zich R. vol woede naar hem toe en dwong hem zijnen begeleider te blijven tot aan zijn huis. De heer X. scheen weinig lust daartoe te gevoelen. Doch nu werd het ernst. Mes en pistool werden voor den dag gehaald. "Je leven"of "me naar huis brengen", tusschen deze beide de keuze.
Wie ijst niet bij deze woorden? Baart het wonder dat den vredelievenden X.een rillling door de leden voer en uit ieder haar een zweetdruppel van angst te voorschijn kwam? Geen beproefder overredingsmiddel en hoewel schoorvoetend, maar X. was nog held genoeg om naast den gevaarlijken Bacchusdienaar voort te schrijden en hem heelhuids aan huis af te leveren. Goddank, hij was er .......Maar het muisje had een staartje. De politie bemoeide zich met de zaak en R. moest voor haar rechtersstoel verschijnen. De gevaarlijke wapens werden afgegeven, er werd beslag op gelegd opdat ze als overtuigingsstukken bij de zeker zeer ingewikkelde rechtszaak dienst zouden doen. En .....het bleken slechts een heel stomp mesje te zijn en een tabakspijp in de vorm van een pistool"

Politie Winterswijk

COMMISSARIS VAN POLITIE TE WINTERSWIJK
A.TEBBETMAN
(Bron:Peter Meerdink, archivaris)

1814:
Benjamin Migiels, koopman alhier, en de vrouw van Berend Weijler, mede alhier woonachtig.
Beide aangeklaagd van zich op de 2 July deses jaars te hebben schuldig gemaakt aan burengerugte, de rust der inwoners storende. Zijn beijde op den 16 July gecondemneerd, ieder eene boete van elf franc met de kosten.

Leyser Philip van Gelder, Koopman en slagter alhier. Aangeklaagd door de veldwagter Jan Sevink en de gerigtsdienaar Joost Giesberts van op den 16 October gedurende de godsdienstoefening twee melkpotjes te hebben verkogt, volgens overlegd proces-verbaal. Den 23 October geabsolveerd bij gebrek van bewijs.

1815:
Hendrik Bloemers, mr.schoenmaker wonende alhier. Aangeklaagd uit hoofde dat hij nalatig geweest is in het wegnemen van zijne mestvaald. Den 22 Maart 1815 gecondemneerd in eene boete van 9 St.en 5 duiten en de kosten.

Gerrit Meyer, tapper en herbergier, woonende alhier. Aangeklaagd uit hoofde, dat hij nalatig geweest is. Niettegenstaande herhaalde waarschuwingen, iemand op den 10 April te logeren, zonder dat hij daartoe bevoegd was ofte eenige aangave gedaan heeft. Den 19 April 1815 gecodemneerd in eene boete van twee gulden, agtien stuivers en de kosten.

1816:
Christian Giesberts, kleermakersknegt, woonachtig en geboren alhier. Heeft op den 31 December IId.met een pistool geschoten, hetgeen verboden was. Is op den 6 January 1816 gecondemneerd in eene boete van drie gulden en de kosten

Jan Hendk.Legeschaar, Gt.Jan Roerdink, DK.Wm Langenhoff en Dirk te Kampe, landbouwers in de buurtschap Miste. Zijn alle vier nalatig gebleven om volgens aan-zage van de rotmeesters op de 7 Mey 1816 de weg na Bredevoort te helpen maken. Zijn op den 29 Mey 1816 gecondemneerd, ieder in eene boete van f 2-7-2 alsmede in de kosten.

Jan Willem Meynen. Den 18 Augusti aangeklaagd over mest, die voor zijn huis was leggende. is op den 24 Augusti gecondemneerd in de boete van negen stuivers en 5 duyten of 1 franc en de kosten.

Steven van Horsten, borstelmaker, wonende alhier. Heeft zich in den avond van den 31 December IId. schuldig gemaakt aan buregerugten.

 

COMMISSARIS VAN POLITIE TE WINTERSWIJK
G.H.DUNNEWOLD
01-09-1817
(Bron:Peter Meerdink, archivaris)

13 Oct.1817:
Anna Elisabeth Stegeman, huisvrouw van Jan Korthof en Maria Sutfels, huisvrouw van Jan Willem Scgepers. De eerstgemelde is door de laatstgemelde in haar eigen woning mishandeld op den 4. dezer. Porces-verbaal der klagte geformeerd en twee informatien ingewonnen, welke stukken aan de heer OvJ heb ingezonden.

10 Nov.1817:
J.Kroesen, schoenmaker, M.Beukenhorst, winkelier, en G.P.Priester, voerman, allen in Winterswijk woonachtig. Den 4.dezer overtreden de publicatie van Mijnheer de Maire van Winterswijk d.d.6 feb.1812 omtrent het leggen van vuilnis voor hunne huizen. Hiervan proces verbaal geformeerd en zullen dezelve van het policie gerigt worden geciteerd.

24 Nov.1817:
J.Kroesen, M.Beukenhorst en G.P.Priester zijn door den heer Vrede-rigter gecondemneerd ieder in eene boete van 47 cents en de kosten.

8 Dec.1817:
Anton Hebing, oud acht en twintig jaren, hoedenmakersgezel zonder vaste woonplaats. Den 1.Decenber 1817 in verscheiden winkels getracht valsch pruissisch geld uit te geven. Dezelve gearresteerd en drie getuigen in deze afgehoord. Dezelve met de hiervan geformeerde proces verbaal aan den heer OvJ opgezonden.

 

Huwelijk Klaas Gunnink 3-10-1993
Huwelijk Politie-functionaris Klaas Gunnink met Louisine van der Els
03-10-1933

 

Klaas Gunnink Politie Winterswijk 1930-1946

Klaas Gunnink
Politie Winterswijk
1930-1946
Hij stond bekend als goed Vaderlander

 

Politiekorps 1927
Politiekorps Januari 1927
Staande: V.l.n.r.: A.H.Renshof, G.B.Kortbeek, B.G.Meenderink, J.K.Hofman, onbekend, J.V.R.Bombergen, J.B.Hesselink, J.H.de Vries
Zittend V.l..r.: R.M.van Drie, A.F.van der Goore, H.Feberwee, J.H.F.Bombergen, H.Kroeze

Politie Winterswijk
Winterswijkse politiekorps Februari 1950
Bovenste rij: E.Aalbers, H.J.Willemsen, B.W.Rauwerdink, J.B.G.Gribbroek, C.J.van Rijssel, H.W.Klein Langenhorst, J.Gorthuis, M.van Beem, H.A.Tammer
Middelste rij: J.G.te Neijenhuis, D.J.Janssen, J.B.Vaags, H.W.te Slaa, J.B.Renskers,J.W.Hemink, J.Mecking, T.J.Jansen, G.J.van Dijk, J.Gilles, J.F.Pouw.
Zittend: A.H.J.Tangena, A.Hoogenberg, R.Westra, H.de Jong, Korpschef S.M.van Ingen, R.M.van Drie, C.van der Zwart, H.Boes, B.Plekenpol, H.W.Stemerdink

Politie Winterswijk
Begrafenis van agent D.W.Krozenbrink

Politie Winterswijk

Politie Winterswijk

 

Politie-bureau 1967 winterswijk
Politie-bureau 1967

Politie Winterswijk

Politie rond 1975

 V.L.N.R.:
J.Dollekamp, G.H.Gribbroek jr.,H.Poot, P.J.Uding,B.Hubert, J.Schakenraad, G.van de Sluis, P.J.Hgeman

^ Terug naar boven